Ga naar inhoud

Pontische stroomgrondel

Neogobius fluviatilis

Gobiidae Seizoen open

Herkenning

De Pontische stroomgrondel (ook wel witvingrondel genoemd) is een kleine grondel van 10 tot 15 cm (maximaal 20 cm) met een langwerpig, cilindervormig lichaam. De kleur is lichtbruin tot zandkleurig met vage donkere vlekken langs de flank. Kenmerkend zijn de witachtige randen aan de borstvinnen — vandaar de alternatieve naam. De kop is relatief smal en spits vergeleken met de zwartbekgrondel. Zoals alle grondels heeft hij de typische zuignap gevormd uit vergroeide buikvinnen. Het onderscheid met de zwartbekgrondel: de Pontische stroomgrondel is slanker, lichter van kleur en mist de zwarte vlek op de eerste rugvin.

Gedrag & leefwijze

De Pontische stroomgrondel is een bodemvis die leeft op zandige en grindrijke bodems in stromend water. Hij voedt zich met kleine ongewervelden, insectenlarven en slakken. De soort is minder agressief territoriaal dan de zwartbekgrondel en wordt in de concurrentiestrijd vaak verdrongen naar suboptimaal habitat. In de paaitijd bewaakt het mannetje een nestholte onder stenen. De Pontische stroomgrondel is oorspronkelijk een bewoner van de benedenlopen van rivieren rond de Zwarte Zee en het Kaspische Zeegebied.

In Nederland

De Pontische stroomgrondel is een invasieve exoot die Nederland via de scheepvaartroutes vanuit het Ponto-Kaspische gebied heeft bereikt — net als de zwartbekgrondel en marmergrondel. De soort werd rond 2005 voor het eerst in de grote rivieren waargenomen en komt nu voor in de Rijn, Maas, Waal en hun havens en nevengeulen. De verspreiding is minder explosief dan die van de zwartbekgrondel. De impact op inheemse bodemvissen (met name de rivierdonderpad) is een punt van zorg, hoewel de Pontische stroomgrondel minder dominant is dan zijn zwartbekneef.

Data-inzichten

Wat onze modellen laten zien over Pontische stroomgrondel

Hoe je dit leest

Hieronder staat wat onze modellen in de data zien. Het zijn verbanden: waar het één voorkomt, komt het ander vaker voor. Dat is geen oorzaak. Elk model beantwoordt één vraag en mag niet meer zeggen dan het gemeten heeft. Het label bij de kop zegt welke vraag — en hoe zeker het antwoord is.

Waar deze soort leeft Sterk model

Zwartbekgrondel (Neogobius melanostomus)Zwartbekgrondel (Neogobius melanostomus)

Bovenaan staat de zwartbekgrondel, ruim anderhalf keer zo zwaar als de volgende naam. Daarna de marmergrondel, de roofblei, de alver en de winde.

De Pontische stroomgrondel en de zwartbekgrondel komen allebei uit het Zwarte-Zeegebied en zijn allebei via de rivieren hierheen gekomen. Waar wij de een tellen, tellen we meestal ook de ander — maar wat de één met de ander doet, hebben wij niet gemeten.

Verderop staan de snoekbaars, de Aziatische korfmossel (Cyrenidae), moerasslakken (Viviparidae), aasgarnalen (Mysidae), de kleine modderkruiper en de riviergrondel. Ook organisch materiaal en voedselrijkdom tellen mee. Ook hier is een deel van de lijst nieuwkomer: de korfmossel en de aasgarnaal horen bij dezelfde golf als de grondels zelf.