Ga naar inhoud

Tiendoornige stekelbaars

Pungitius pungitius

Gasterosteidae Seizoen open

Herkenning

De tiendoornige stekelbaars is nóg kleiner dan zijn driedoornige neef — volwassen dieren worden gemiddeld slechts 5 tot 6 cm lang. Het lichaam is slank en langwerpig, met 7 tot 12 korte stekeltjes op de rug (ondanks de naam zijn het er zelden precies tien). Anders dan de driedoornige stekelbaars mist deze soort de opvallende benige zijplaten. De kleur is olijfgroen tot bruin met donkere dwarsbanden. In de paaitijd kleurt het mannetje pikzwart met een witte rand aan de buikvinnen.

Gedrag & leefwijze

De tiendoornige stekelbaars leeft verborgen tussen dichte watervegetatie en leeft van kleine kreeftachtigen, muggenlarven en watervlooien. Hij is schuwer dan de driedoornige variant en vermijdt open water. Net als zijn neef bouwt het mannetje een nesje voor de voortplanting, maar het nest hangt tussen waterplanten in plaats van op de bodem. De soort is tolerant voor zuurstofarme en zure omstandigheden, waardoor hij kan overleven in veensloten en moerassen waar andere vissoorten het niet uithouden.

In Nederland

De tiendoornige stekelbaars komt verspreid over heel Nederland voor, maar is minder algemeen dan de driedoornige soort. Hij geeft de voorkeur aan ondiepe, dichtbegroeide wateren: veensloten, polderslootjes, moerasgebieden en kleine vijvertjes. De soort is een indicator voor wateren met rijke oevervegetatie. Hij heeft geen gesloten tijd en geen minimummaat, en is geen doelvis voor hengelaars. In het voedselweb dient hij als prooi voor snoek en andere roofvissen, maar zijn verborgen leefwijze maakt hem minder kwetsbaar dan de driedoornige stekelbaars.

Data-inzichten

Wat onze modellen laten zien over Tiendoornige stekelbaars

Hoe je dit leest

Hieronder staat wat onze modellen in de data zien. Het zijn verbanden: waar het één voorkomt, komt het ander vaker voor. Dat is geen oorzaak. Elk model beantwoordt één vraag en mag niet meer zeggen dan het gemeten heeft. Het label bij de kop zegt welke vraag — en hoe zeker het antwoord is.

Waar deze soort leeft Sterk model

Driedoornige stekelbaars (Gasterosteus aculeatus)Driedoornige stekelbaars (Gasterosteus aculeatus)

Eén naam overheerst: de driedoornige stekelbaars, bijna drie keer zo zwaar als de volgende. De twee stekelbaarzen zitten dus meestal in hetzelfde water.

Daarna komt klein, begroeid water: het bermpje, modderkruipers, de riviergrondel, het vetje, de karper en de snoek. Verderop elzenvliegen (Sialidae), bloedzuigers uit de familie Erpobdellidae en watermotten (Crambidae), waarvan de rupsen onder water tussen de waterplanten leven. Ook voedselrijkdom en organisch materiaal tellen mee.

FishBase zet de tiendoornige stekelbaars in ondiepe, begroeide delen van meren, vijvers en trage beken, en soms in open water boven zand. Dat is precies wat deze lijst laat zien.

Waar er veel van zitten Zwak model

Dit model is zwak. Eén kenmerk hoort bij méér tiendoornige stekelbaars: kranswieren (Characeae), planten van helder, hard water.

De rest wijst de andere kant op. Minder tellen we bij motmuggen (Psychodidae), gele lis (Iridaceae), kattenstaart (Lythraceae), wapenvliegen (Stratiomyidae) en — net als bij de driedoornige stekelbaars — bij de waterspin (Dictynidae). Waarom die spin bij allebei de stekelbaarzen aan de lage kant staat, weten wij niet.